Unofficial
Op deze pagina
  1. 01Benchmark of RAM-test
  2. 02Voordat je begint
  3. 03De benchmark starten
  4. 04Het oordeel lezen
  5. 05Verwachte bandbreedte: kanalen en geheugensnelheid
  6. 06Gemengde modules
  7. 07De resultaten vergelijken
  8. 08Wanneer het resultaat naar de hardware wijst

Hoe je het RAM van een QNAP NAS benchmarkt

Benchmark and Quality in het MemHound-venster van StorageDiag Workbench meet de geheugenbandbreedte en variaties in latentie. Het controleert ook op bitfouten in het testgebied onder volle belasting. De resultaten helpen je beoordelen of de geïnstalleerde geheugenconfiguratie de verwachte prestaties levert. Gebruik de afzonderlijke RAM-test om een zo groot mogelijk deel van het RAM op fouten te controleren.

  1. Voorbereidenstop taken die de NAS belasten
  2. Startenfasen P0 tot P8, enkele minuten
  3. Lezenhet oordeel, de bandbreedte in GB/s, de latentie en het aantal fouten
  4. Controlerenhet aantal kanalen, de geheugensnelheid en of de modules bij elkaar passen
  5. Vergelijkende vorige run, de RAM-ranglijst

01Benchmark of RAM-test

Benchmark and Quality tegenover de RAM-test
Benchmark and QualityRAM-test (Quick, Standard, Deep, Hammer, Boot)
VraagLevert het geheugen onder volle belasting de verwachte bandbreedte, met stabiele latentie en zonder fouten?Zijn er fouten in het geteste geheugengebied?
Hoeveel RAM er wordt getestEen testgebied van hooguit 256 MB per processorthread (Arena in het venster); het resultaat noemt hoeveel er ongetest bleefHet vrije RAM (Quick, Standard), het grootste deel van het RAM (Deep, Hammer), bijna alles vanaf de USB-stick (Boot)
Werking van de NAS tijdens de testBlijft werken, maar kan trager zijnBlijft werken (Quick, Standard) of stopt zijn services (Deep, Hammer)
ResultaatPASS, MARGINAL, FAIL, INCONCLUSIVE of PASS-UNQUALIFIED, met GB/s en latentiePASS of FAIL, met het adres van elke fout

Een PASS in de benchmark sluit fouten elders in het RAM niet uit. Een RAM-test die geen fouten vindt, zegt niets over de geheugensnelheid. Als toepassingen vastlopen of crashen, of het kernel-logboek geheugenfouten meldt, begin dan met de RAM-test.

02Voordat je begint

  1. Open MemHound: Startmenu → Benchmarks → memhound (het bureaublad Utilities), of het bureaubladpictogram met dezelfde naam.
  2. Stop wat de NAS belast: back-ups, grote kopieeracties, virtuele machines. De benchmark laat de services draaien, en hun belasting komt in het resultaat terecht.
Afbeelding 1. MemHound vóór een test. Benchmark and Quality staat in de titelbalk; de kaarten eronder horen bij de RAM-test.

Een klik op Benchmark and Quality start de run zonder bevestiging. De eerste run kun je niet onderbreken: de knop toont dan Runs to completion. Zodra een run zijn oordeel heeft bereikt, onthoudt de browser dat, en latere runs kun je stoppen. Een resultaat PASS, PASS-UNQUALIFIED of MARGINAL van een gematchte kit, gemeten op een rustige NAS, gaat naar de openbare RAM-ranglijst, samen met de bandbreedte, de kit (type, snelheid, kanalen) en het NAS-model; het venster heeft geen schakelaar om dat te voorkomen.

03De benchmark starten

  1. Klik op Benchmark and Quality in de titelbalk.
  2. Heeft de NAS te weinig vrij geheugen, bijvoorbeeld terwijl de apps na een run van CPU Lab weer opstarten, dan toont het venster eerst Waiting for the NAS to go quiet en wacht het tot vijf minuten, waarna het de run toch start. Stop annuleert het wachten.
  3. Volg de Test sequence. P0 controleert de configuratie en de modules. P1 tot P3 schrijven en controleren patronen. P4 meet de bandbreedte met steeds meer threads, van één tot alle beschikbare threads, en houdt daarna 60 seconden volle belasting aan. P5 meet de latentie en P6 genereert een belasting die op die van een database lijkt. P7 en P8 laten de gegevens een tijdje ongemoeid en controleren ze daarna opnieuw.

Tijdens de run staat de CPU-governor op performance; na afloop komt de vorige instelling terug.

Afbeelding 2. Fase P4 van een run (voorbeeldwaarden: twee DDR4-modules van 32 GB in twee kanalen). De meetreeks haalt 29,5 GB/s op acht threads; de tegel erboven vergelijkt dat met het JEDEC-cijfer.

De tegel Bandwidth toont 80% als zijn PASS-lijn. Het oordeel gebruikt de PASS-grens van jouw platform (sectie 05), dus een waarde die de tegel amber tekent, kan toch slagen.

04Het oordeel lezen

Na afloop toont een venster het oordeel en het resultaat van elk criterium. Klik op Close om de oordeelkaart met de gedetailleerde metingen op het scherm te laten staan.

Afbeelding 3. Het dialoogvenster met het oordeel (voorbeeldwaarden).
Afbeelding 4. De oordeelkaart (voorbeeldwaarden). Elke regel heeft een markering en de bijbehorende meting; de notities eronder noemen het RAM dat ongetest bleef en de verandering ten opzichte van de vorige run.
De oordelen van Benchmark and Quality
OordeelWat het betekent
PASSBandbreedte op of boven de PASS-grens, jitter binnen de limiet, geen fout, stabiele rondes.
PASS-UNQUALIFIEDEr zijn geen fouten gevonden en de metingen zijn stabiel. De geheugentabel van de firmware geeft echter onvoldoende informatie over snelheid, busbreedte of kanaalindeling. Daardoor is er geen JEDEC-cijfer om mee te vergelijken. Dit geldt voor de meeste virtuele machines en sommige ARM-apparaten. De bandbreedte in GB/s wordt wel getoond.
MARGINALBandbreedte tussen de FAIL- en de PASS-grens, onstabiele rondes, of een gecorrigeerde ECC-fout.
FAILBandbreedte onder de FAIL-grens, jitter boven de limiet, elke bitfout, ongecorrigeerde ECC-fout of kritieke kernelgebeurtenis, of een gemengde set modules (sectie 06).
INCONCLUSIVEDe bandbreedte of jitter voldeed niet aan de drempels terwijl de NAS druk was, weinig vrij geheugen had of de CPU werd gethrottled. Hetzelfde oordeel verschijnt als andere processen de meetrondes instabiel maakten of een test werd gestopt. De meetomstandigheden laten geen sluitend resultaat toe.
  • Bandbreedte. De beste aanhoudende stroom, lezen of schrijven, als deel van het JEDEC-cijfer, met de PASS- en FAIL-grens die voor deze NAS gelden. Is de schrijfstroom de snellere, dan noemt de regel die en voegt hij de geverifieerde leeswaarde toe.
  • Jitter. De verhouding tussen het 99e percentiel van de latentie en het gemiddelde. Een waarde boven 2,50 overschrijdt de testgrens voor latentievariatie onder willekeurige belasting. Deze meting alleen wijst geen defect onderdeel aan.
  • Nultolerantie. Bitfouten, ECC-gebeurtenissen (CE: gecorrigeerd; UE: ongecorrigeerd) en kritieke kernelgebeurtenissen tijdens de test. Eén bitfout, één UE of één kritieke gebeurtenis leidt tot FAIL. Gecorrigeerde ECC-fouten leiden tot MARGINAL.
  • Stabiliteit. De spreiding van de rondes onder volle belasting, hooguit 5%, en het laatste kwart ten opzichte van het eerste, minstens 0,97. Bandbreedte die in de loop van de run zakt, zie je hier; werd de CPU gethrottled, dan toont een regel Environment dat.
  • Ongetest. Het deel van het RAM buiten het testgebied. Een fout daar blijft voor deze run onzichtbaar.

05Verwachte bandbreedte: kanalen en geheugensnelheid

In deze handleiding is het JEDEC-cijfer de theoretische bandbreedte van het geïnstalleerde geheugen. Het wordt berekend uit de breedte van de databus en de werkelijke overdrachtssnelheid van het geheugen. MT/s betekent miljoenen overdrachten per seconde, niet de klokfrequentie in MHz. Voor 64-bits kanalen, gelijk aan 8 bytes, is de formule channels × MT/s × 8 bytes. Dit geeft een resultaat in MB/s; deel door 1000 voor GB/s. Een standaard DDR5-module heeft ook een totale databreedte van 64 bits, verdeeld over twee onafhankelijke 32-bits subkanalen. In deze formule staat 8 bytes voor hun gezamenlijke breedte, niet voor één DDR5-subkanaal. Het paneel JEDEC toont de bus, de geheugensnelheid en het berekende resultaat, terwijl de tabel Topology de afzonderlijke modules vermeldt.

Rekenvoorbeelden (DDR4 op 2400 MT/s)
ModulesKanalenJEDEC-cijfer bij 2400 MT/sOngeveer 77% daarvan, zoals in afbeelding 4
2 × 32 GB, één per kanaal22 × 2400 × 8 B = 38 400 MB/s = 38,4 GB/songeveer 29,5 GB/s
1 × 32 GB12400 × 8 B = 19 200 MB/s = 19,2 GB/songeveer 14,8 GB/s
  • Eén module en één DDR4-kanaal. MemHound telt alleen bezette kanalen. Eén module wordt dus beoordeeld tegen het cijfer voor één kanaal. Bij dezelfde geheugensnelheid is dat de helft van de theoretische bandbreedte van twee zulke kanalen. Het gemeten benchmarkresultaat hoeft echter niet precies te halveren. Het percentage alleen laat daardoor niet zien dat één module minder GB/s levert dan twee. Vergelijk ook het GB/s-resultaat met RAM-ranglijstvermeldingen voor hetzelfde NAS-model met twee modules.
  • Een lagere snelheid dan op het etiket. Een ▾ naast de MT/s-waarde van een module betekent dat die onder zijn nominale snelheid draait, bijvoorbeeld op 2400 in plaats van 2667 MT/s. Het JEDEC-cijfer gebruikt de snelheid waarop de module werkelijk draait. De lagere snelheid verlaagt daarom niet het percentage, maar wel de bandbreedte in GB/s. Als alle modules op dezelfde verlaagde snelheid draaien, kan dat komen door platformlimieten, een SPD-profiel of firmware-instellingen. Controleer de specificaties van het NAS-model en de compatibiliteit van de modules.
  • Gesoldeerd geheugen. LPDDR-kanalen zijn 16 of 32 bits breed, en MemHound haalt de breedte uit de geheugentabel van de firmware. Geeft de tabel geen bruikbare snelheid, breedte of kanaalindeling, dan heeft de run geen JEDEC-cijfer en eindigt hij op zijn best met PASS-UNQUALIFIED.

Het haalbare aandeel van de theoretische bandbreedte hangt onder meer af van de geheugencontroller. MemHound gebruikt daarom platformspecifieke drempels. De eerste passende rij geldt. Bij rijen met ‘twee of meer modules’ moeten zoveel modules geïnstalleerd zijn.

PASS- en FAIL-grenzen, deel van het JEDEC-cijfer
PlatformPASS vanafFAIL onder
LPDDR (gesoldeerd geheugen), elke processor68 %48 %
AMD EPYC 7002 of 7003 met DDR4, twee of meer modules50 %35 %
Xeon of EPYC met DDR5, twee of meer modules82 %62 %
Xeon of EPYC met DDR4, twee of meer modules80 %60 %
Core i5, i7, i9 of Ryzen met DDR5, twee of meer modules80 %60 %
Core i5, i7, i9 of Ryzen met DDR4, twee of meer modules75 %55 %
Celeron, Pentium of Atom65 %45 %
ARM-processors55 %40 %
Elke andere processor80 %60 %

Een NAS die bij geen andere rij past, waaronder een Core, Ryzen, Xeon of EPYC met één module, krijgt de laatste rij, en de oordeelkaart vermeldt dat de grenzen de ingebouwde standaard zijn. Eén DDR4-module in een Ryzen op 77% is daarom MARGINAL.

06Gemengde modules

Benchmark and Quality is bedoeld om een bij elkaar passende set geheugenmodules te kwalificeren. Tijdens P0 controleert het de modules en wijst het de configuratie af als:

  • de modules verschillen: een ander onderdeelnummer, of, als de firmware dat niet geeft, een andere grootte, snelheid, type of ECC;
  • er drie modules zijn geïnstalleerd, of een oneven aantal boven vier;
  • de kanalen verschillende capaciteiten bevatten.

Het venster toont dan SETUP NOT ELIGIBLE FOR QA met de reden. De run gaat ter informatie door, het oordeel is FAIL, en het resultaat wordt niet opgeslagen en niet gepubliceerd.

Afbeelding 5. Een gemengd paar (voorbeeldmodules: 32 GB en 16 GB van twee merken). De getallen blijven alleen ter informatie op het scherm staan.

Een FAIL om deze reden betekent dat de configuratie niet aan de kwalificatieregels voldoet; het bevestigt geen geheugenfout. Een gemengde set kan correct werken. Controleer deze met de RAM-test op fouten. Installeer voor de kwalificatie een gematcht paar of een gematchte set en herhaal de benchmark.

07De resultaten vergelijken

  • Dezelfde NAS vóór en na een wijziging. MemHound bewaart het resultaat van elke test met een gematchte set. De oordeelkaart bevat een vergelijking met de vorige run, bijvoorbeeld vs last run (2026-10-17): read +0.4%. Voer de benchmark uit voordat je modules vervangt, slots wisselt of de firmware bijwerkt. Herhaal de test daarna en vergelijk de resultaten.
  • Andere NAS-apparaten. Startmenu → Benchmarks → RAM board opent de openbare ranglijst in een browsertabblad: GB/s per NAS-model met de kit, snelheid en kanalen. Vergelijk met apparaten van hetzelfde model en dezelfde kit.
  • Gelijk met gelijk. Vergelijk runs die op een NAS in rust zijn gemaakt. Draai de benchmark twee of drie keer voordat je een conclusie trekt uit een klein verschil.

08Wanneer het resultaat naar de hardware wijst

  • FAIL door fouten. Een bitfout of ongecorrigeerde ECC-fout wijst op een probleem dat onder belasting zichtbaar werd. Een kritieke kernelgebeurtenis leidt ook tot FAIL, maar de bijbehorende logmelding moet worden onderzocht. De gebeurtenis alleen bewijst niet dat een RAM-module defect is. Voer de RAM-test uit (Deep, daarna Boot) om fouten te bevestigen en de adressen te bepalen. Vervang een module als de diagnose bevestigt dat die defect is. Een test die bitfouten of een ongecorrigeerde ECC-fout detecteert, meldt het modulemodel aan de openbare foutenlijst.
  • MARGINAL door gecorrigeerde fouten. ECC heeft de gevonden fouten gecorrigeerd, maar dat resultaat is onvoldoende om voor de kwalificatie te slagen. Herhaal de benchmark. Als CE-gebeurtenissen terugkomen, voer dan de RAM-test uit en bepaal welke module is getroffen.
  • FAIL of MARGINAL door bandbreedte. Controleer eerst de configuratie: één module in een model dat twee kanalen ondersteunt, modules in de verkeerde slots of een lagere geheugensnelheid dan verwacht. Als de set gematcht is en op de verwachte snelheid draait, vergelijk het resultaat dan met hetzelfde NAS-model op de RAM-ranglijst.
  • INCONCLUSIVE. Stop wat de NAS belast en draai de test opnieuw. De notitie onder het oordeel noemt wat de run heeft verstoord.